Welke voedingsstoffen verstoren of stimuleren de slaap?

Ons eetpatroon bepaalt hoe we slapen. We weten allemaal dat een kop koffie vlak voor het slapengaan onze slaap verstoort. En oma raadde altijd een tas warme melk met honing aan, want dat zou zorgen voor een rustige nacht. Naast koffie zijn er nog andere voedingsstoffen die de slaap kunnen beïnvloeden. Hieronder een overzicht van welke (voedings)stoffen we beter vermijden, en welke net zorgen voor een betere nachtrust.

Welke voedingsstoffen verstoren de slaap?

  • Cafeïne vinden we in koffie en cola, maar ook soms in thee (theïne). Cafeïne houdt ons wakker en zorgt dat we niet diep slapen. Het houdt niet alleen onze hersenen wakker, maar stimuleert ook de nieren, de maag en de darmen. Chocolade heeft eenzelfde effect, maar iets minder agressief.
  • Nicotine is opwekkend. Daarom hebben rokers vaak een ernstig slaaptekort. Het duurt langer voor ze inslapen en ze worden ook meer wakker tijdens de nacht. Hun slaap is ook minder diep.
  • Snelwerkende suikers, zoals in wit brood, koekjes, snoep, spaghetti en rijst, geven ons een korte energieboost van energie hierdoor afgeraden als avondmaaltijd.
  • Het drinken van een slaapmutsje is een fabel. Door alcohol gaan we niet beter slapen. Integendeel. We vallen sneller in slaap, maar slapen niet diep genoeg. Door alcohol slapen we ook niet rustig, zweten we en hebben we vaker hoofdpijn bij het opstaan. Hetzelfde effect wordt ook door slaapmedicatie verkregen: je slaapt sneller in, maar de slaapkwaliteit neemt serieus af en er treedt gewenning op.

Welke voedingsstoffen stimuleren de slaap?

  • Serotonine, ook gekend als het gelukhormoon, maakt ons gelukkig en rustig. We vinden deze stof in alle volkorenproducten, zoals volkorenpasta, bruine rijst, donker brood en havervlokken.
  • Tryptofaan is een stof die ons gelukkig en slaperig maakt. We vinden het in bananen, dadels, melk (de tip van oma klopt dus), tonijn, noten en yoghurt. Een kleine portie een half uur voor het slapen kan al zorgen voor sneller inslapen.

Niet alleen het eten zelf, ook het tijdstip kan een verschil maken. Neem zeker geen stimulerende stoffen meer in na 4 uur in de namiddag en zorg voor een lichte avondmaaltijd.

Gerelateerde artikels